Column: Sint en Kerst en de kracht van mythes

Column: Sint en Kerst en de kracht van mythes

Is het kerstfeest een mythe, net als het sinterklaasfeest? Misschien wel, maar dat maakt de verhalen niet minder betekenisvol, zo meent Aries van Meeteren. 

Sinterklaas in coronatijd verloopt nogal anders dan anders. Geen intochten, geen sinterklaashuizen en in vergelijking met voorgaande jaren een stuk minder gedoe over zwarte piet. Zelfs het afvoeren uit bibliotheken van boeken over de zwart geschminkte knecht met kroeshaar, dikke rode lippen en gouden oorbellen is tamelijk geruisloos verlopen.

Ik dacht nog even: wat als sinterklaas zich net als ieder ander aan de coronarichtlijnen zou houden en gewoon in Spanje zou blijven? ‘Vermijd buitenlandse reizen’, is immers het devies. Wat zou er dan gebeuren? Het zou 2020 nog onvergetelijker maken dan het jaar nu al is. Maar het schrappen van het kinderfeest zou natuurlijk ondenkbaar zijn geweest. Niemand wil een jaar zonder sinterklaas. En dus meerde de goedheiligman onverstoorbaar aan in het verzonnen dorpje Zwalk.

Gelukkig maar. Want zo krijgt weer een nieuwe generatie kinderen een waardevolle les in de kracht van mythes. Wetenschapsfilosoof Maarten Boudry van de Universiteit in Gent miskent die kracht als hij kritiek heeft op sinterklaas: “Kinderen worden jaar op jaar bedrogen en voorgelogen door zowat iedereen die ze vertrouwen. Hun lichtgelovigheid wordt schaamteloos uitgebuit […] Wat veel mensen onderschatten, is dat de Grote Onthulling bij sommige kinderen een bittere pil is om te slikken. Niet alleen omdat de wereld onttoverd wordt, maar ook omdat het vertrouwen in grote mensen beschadigd wordt.”

Zou het? Het heeft mijn tere kinderziel weinig kwaad gedaan. Maar Boudry gaat nog verder. Hij legt in zijn opiniestuk in De Morgen nog een link met religie. “De Franse schrijver Stendhal zei over God dat zijn enige excuus is dat hij niet bestaat. Over sinterklaas kan je zeggen dat zijn niet-bestaan zijn enige blaam is.” Normaal veeg ik dit soort keutels snel weer van mijn scherm en ga over tot de orde van de dag. Maar ik blijf denken aan wat Boudry opwerpt. Want wat is echt en wat praten we elkaar aan? En waarom doen we dat?

Frans Kellendonk omschreef religie ooit als ‘oprecht veinzen’. Waar wel wat in zit, denk ik. Want buiten de basic trust die de basis vormt voor elke religie is alles wat we over God zeggen maar een slag in de lucht. Ook het sinterklaasfeest is een terugkerend doen-alsof. Mooi toch om ons daar jaar in jaar uit in te trainen? Juist na de ‘ontmaskering’, zou ik zeggen.

Voor kerst geldt hetzelfde. Het verhaal van de stal en de kribbe in Bethlehem is evenzeer een mythe. De wieg van Jezus stond volgens het oudste evangelie gewoon in Nazareth. En Jezus werd al helemaal niet midden in de winternacht geboren. Is het daarmee ‘maar een verhaaltje’? De intensiteit waarmee we ons jaar in jaar uit op het kerstfeest storten laat zien dat we zover toch niet willen gaan. Het verhaal doet iets met ons.

Elk jaar krijgen we, onbedoeld wellicht, een gratis lesje in ‘mythen’ cadeau van de sint of de kerstman. Een les in de kracht van verhalen die iets anders leren dan de journalistieke 5 w's en 1 h (wie, wat, waar, wanneer, waarom en hoe). Een verhaal dat geen historische, maar wel een andere waarheid vertelt, van de terugkeer van het licht te midden van de duisternis, van de komst van betere tijden en de droom van de overwinning van het goede. En dat midden in de winternacht.

Aries van Meeteren
Vrijzinnig voorganger van Kerk met de beelden in Hardinxveld-Giessendam

 

Deel dit