25 eeuwen theologie in 1,3 kilo

25 eeuwen theologie in 1,3 kilo

Een boek over ‘25 eeuwen theologie’, dat is vast zware kost… Geen gekke gedachte als je het boek van Laurens ten Kate en Marcel Poorthuis ziet.

De pil telt ruim 700 pagina’s en weegt ook nog eens 1300 gram. Het is duidelijk geen boek voor in de hangmat.

En toch kan ik het boek iedereen aanraden die is geïnteresseerd in theologie. Want de mensen die aan het boek hebben meegeschreven, hebben er een behoorlijk behapbaar geheel van gemaakt.

Ze volgen namelijk een uniek concept. In het boek staan niet alleen korte besprekingen van ruim 100 bekende en minder bekende theologen, maar ook – en dat is het bijzondere – een flink citaat uit het werk van de betreffende man of vrouw.

Aardige kennismaking
We horen dus als het ware de theologen zelf spreken. Veel teksten zijn opnieuw vertaald of zijn zelfs voor het eerst in het Nederlands te lezen. De vertalingen zijn fris en doorgaans prima leesbaar. En dat maakt het boek 25 eeuwen theologie tot een aardige kennismaking met de belangrijkste theologen uit de geschiedenis.

Is dat interessant? Ik denk het wel. Ik heb in het boek voor het eerst iets gelezen van enkele theologen die ik alleen van naam kende. Denk aan Cusanus, Fénelon en Schechter. Maar 25 eeuwen theologie is om nóg een reden boeiend.

Tijdvakken
Ten Kate en Poorthuis hebben de theologen die worden besproken verdeeld over 9 perioden, van de klassieke oudheid tot en met de 20ste eeuw. Alle tijdvakken leiden ze in met een schets van de tijd, de problemen die toen speelden en hoe de theologen daar mee omgingen.

En dat is mooi, want daardoor snap je beter hoe de verschillende theologen aan hun ideeën zijn gekomen. Een voorbeeld:

In de 19e eeuw vierde het moderne denken hoogtij. Wetenschappers hadden afgerekend met het beeld dat God de wereld had geschapen en dat Hij alles bestuurt. In feite werd God helemaal uit de wetenschap gebannen.

Kierkegaard
Dit had grote gevolgen voor de theologie. Die moest zichzelf als het ware opnieuw uitvinden. De Deense denker en theoloog Søren Kierkegaard (1813-1855) deed een duit in het zakje door van het geloof iets radicaal persoonlijks te maken. Theologie had weliswaar niets meer te zeggen over de wetenschap, maar des te meer over het persoonlijk leven, vond Kierkegaard. Hij pleitte voor een onvoorwaardelijke overgave aan het goddelijke.

In zijn boek Of/of (Enten-Eller) schrijft de Deen dat als iemand van wie we houden iets over ons zegt wat niet klopt, we dan meestal niet meteen boos worden, maar hem of haar eerst het voordeel van de twijfel geven. We gaan zelfs na of die ander, van wie we immers houden, misschien toch gelijk heeft. We doen aan zelfonderzoek en dat bouwt ons op. We worden er wijzer van.

Maar wat als die ander God is? Net zoals het oplucht als je in een meningsverschil met iemand die je liefhebt merkt dat je ongelijk hebt, zo werkt het ook met God. Sterker nog, het omgekeerde zou angstaanjagend zijn, meent Kierkegaard:

“Werd je niet aangegrepen door een ontzettende angst wanneer ook maar voor een ogenblik in je ziel de gedachte kon opkomen dat jij gelijk zou kunnen hebben en niet Gods leiding wijsheid was, maar jouw plannen; dat niet Gods gedachten gerechtigheid waren, maar jouw verrichtingen; dat niet Gods hart liefde was, maar jouw gevoelens?”

Kauwen
Verrassende vragen waar je even op moet kauwen. En zo zet het boek 25 eeuwen theologie vaker tot nadenken aan over dingen waar je voorheen misschien nooit zo bij stil hebt gestaan. Dat maakt het boek verrassend.

Ik vind het ook mooi om te zien hoe theologie de eeuwen door in gesprek is geweest met de cultuur en de tijdgeest. Van een ivoren toren waar theologen in zouden zitten, heb ik al lezend weinig kunnen merken.

Kanttekeningen
Goed, er zijn ook kanttekeningen te maken bij het boek. Wie uit de enorme stoet theologen van de afgelopen eeuwen er maar zo’n 100 mag selecteren, moet er ook veel onbesproken laten. Ik mis zeker een aantal namen, waaronder die van enkele vrijzinnige denkers als Albert Schweitzer en Anne Zernike. En de theologen die momenteel in zwang zijn, ontbreken allemaal, omdat de grens is gelegd bij de 20ste eeuw.

Meer moeite heb ik met de keuze om ook islamitische denkers op te nemen in het boek. Niet dat de stukken over hen niet interessant zijn – ze bieden zonder meer een unieke kennismaking met godgeleerden die meestal in onze theologische canon ontbreken – maar ze lijken er een beetje met de haren bij gesleept. Te meer, omdat het boek zich verder beperkt tot de westerse theologie. De inleidingen op de tijdvakken beschrijven ook vooral feiten uit de westerse geschiedenis. De bijdragen over de islamitische denkers blijven daardoor wat in de ruimte hangen.

En tot slot: niet elke theoloog is even toegankelijk voor een breed publiek. Het boek is vooral bedoeld voor de geïnteresseerde leek. En ook die zal niet alle teksten in een keer begrijpen. Daar zijn sommige theologen te ondoorgrondelijk voor (en sommige beschrijvingen ook). Maar de stukken zijn kort en er staat zoveel in, dat je gewoon kunt doorbladeren naar een theoloog of thema waar je je wel door voelt aangesproken.

Aries van Meeteren
Vrijzinnig voorganger in Hardinxveld-Giessendam

Deel dit

Nieuwsbrief

Wilt u op de hoogte blijven van het laatste nieuws? Abonneer u op de

NIEUWSBRIEF

Zoeken

Contact

Vereniging van Vrijzinnige Protestanten
Joseph Haydnlaan 2a 
3533 AE Utrecht                       
030-8801497
info@vrijzinnig.nl
Klik hier voor meer contactgegevens

twitter310facebook

   

 



Agenda

Geen evenementen

Column

  • Column: Religie als overlevingskunst

    Waarom hebben we eigenlijk religie? Om onszelf te redden, of om ons juist te verliezen, vraagt Wim Jansen zich af.