Corona-bemoediging: 'Waarlangs mijn voeten kunnen gaan...'

Corona-bemoediging: 'Waarlangs mijn voeten kunnen gaan...'

Op vrijzinnig.nl verschijnen de komende dagen zogenoemde 'corona-preken' die vrijzinnige voorgangers hebben uitgesproken. Als bemoediging in deze bijzondere tijd. 

Helene Westerik: 

Het is inmiddels lente.

De afgelopen dagen zou je dat wellicht vergeten in al het Corona-gedruis. Geen feestgedruis, maar wel veel ruis. Aan informatie, onduidelijkheden en hamsterende mensen.

Voor elkaar blijven zorgen. Dat staat bovenaan. En ja, dat betekent zeker ook je gezonde verstand gebruiken. Zelf verantwoordelijkheid nemen, en niet alleen maar afgaan op ‘wat de overheid zegt of meent’. Zelf verantwoordelijkheid nemen kan dan twee kanten opgaan: denken dat het meevalt, of nog wat extremer worden in je eigen maatregelen.

Bijzonder vind ik het dat de crisis van de afgelopen week samenvalt met de Boekenweek. Met als thema Rebellen en Dwarsdenkers.

Zelf blijven nadenken en soms juist een ander spoor bewandelen. Leuker was het misschien geweest als men in plaats van voor Dwarsdenkers gekozen zou hebben voor Dwarsliggers.

‘Beveel gerust uw wegen’
Dwarsliggen. Je eigen gang gaan. In eerste instantie kan dat wat negatief klinken. Maar doordenkend over dat woord ‘dwarsliggers’ kwam ik bij ons spoorwegennet terecht. Dat zijn ook dwarsliggers, die (dus) samen een spoor maken! En een spoor betekent een weg om te gaan.

Bij het schrijven van deze woorden, zong in mijn hoofd bijna tegelijkertijd dat hele oude lied: ‘beveel gerust uw wegen’.

Ooit was ik iemand nabij die door de jaren heen ‘geloven’ steeds moeilijker was gaan vinden. Mede door het spoor van de vrijzinnigheid dat zij was gaan bewandelen. Ze las veel, wist veel, en de vragen buitelden over elkaar heen. Vragen zonder antwoorden. Om die dan ook zonder antwoord te laten staan, was een hele klus. Door de jaren heen was er echter één ding dat haar niet verliet. En dat was dat lied ‘Beveel gerust uw wegen’. Het lied dat haar moeder altijd zong. Het lied dat zij altijd zong. Het lied dat naast alle vragen zonder antwoorden kon blijven bestaan. Het lied dat het groene sein werd op haar levensspoor. Het lied dat het rode sein werd toen ze ziek werd en niet meer beter kon worden. Ze bepaalde zelf dat het genoeg was.

Het 1e couplet van het lied volgt hierna; ik wil u vragen om uw hart open te zetten voor de essentie, want de woorden zijn ouderwets en klinken wellicht wat vroom.

Beveel gerust uw wegen

al wat u 't harte deert

der trouwe hoed' en zegen

van Hem, die 't al regeert

Die wolken, lucht en winden

wijst spoor en loop en baan

zal ook wel wegen vinden

waarlangs uw voet kan gaan.

Tot zover dit lied. U bleef misschien hangen aan die ene zin: van Hem, die ’t al regeert. Want, dat geloven we toch niet! Dat er iets is dat ons regeert, buiten de mensen in Den Haag om?

Troost

Ik weet het niet, hoor. Het is al bijna lente. In mijn tuin bloeit al weer zoveel moois. De vogels fluiten al weer anders. De natuur gaat haar gang. Ook in de vorm van schimmels, bacteriën en virussen. Hoe lastig ook. Hoe verdrietig dat soms ook kan uitpakken.

Hoe fijn kan het dan zijn om diep van binnen getroost te kunnen worden door die gedachte of dat gevoel: hoe het ook zal zijn – er zullen altijd wegen zijn waarlangs mijn voeten kunnen gaan. Los van al het denken ‘of dat wel of niet kan’, want een mens heeft op z’n tijd troost nodig. Troost die andere wegen gaat dan wetenschap en statistiek. Troost die een eigen spoor trekt in ons leven. Een rode draad. En dat is wat ik u toewens: uw eigen rode draad van troost. Als houvast. Als met gezond verstand niet alles meer te beredeneren en te voorkomen is.

Ik wens u goede dagen toe, op weg naar de lente!

Helene Westerik
Voorganger in Beilen en pastoraal werker in Odoorn

Deel dit