Kunst, crisis en kerk

Kunst, crisis en kerk

Wie met hulp van Google ‘Kunst en Corona’ gaat zoeken heeft de eerste uren genoeg stof om over na te denken en beelden om naar te kijken.

Toch ‘bestaat’ corona in Nederland nog niet eens een jaar. Kennelijk roept deze vreemde, angstaanjagende ziekte bij veel mensen de behoefte op om op een creatieve manier uit te drukken wat deze tijd met hen doet.

door Nel Verburg

En dat is niet alleen nu zo. Al eeuwen lang is, zeker in de christelijke traditie, lijden, ziekte en dood een bron waaruit veel kunst is ontstaan. Lijden krijgt een zekere schoonheid, in woord, beeld en muziek.

Ook een pandemie is helaas niets nieuws. Nu corona, vroeger cholera. Hoe verschillend die tijden qua leefstijl en mogelijkheden ook zijn, steeds proberen kunstenaars schoonheid uit gebrokenheid tevoorschijn te roepen. Een voorbeeld van christelijke kunst voortkomend uit zware tijden is te vinden in de Antonius Abtkerk in Scheveningen. Het was in eerste instantie niet de architectuur die me hier bracht, maar de zangkunst van de leerlingen van de bovenbouw van de Haagse Vrije School. Elk schooljaar sluiten zij af met een uitvoering van een muziekstuk, met begeleiding van professionele musici. Zo hebben zij een keer het Kyrie uit de Petite Messe Solennelle van Rossini ten gehore gebracht. ‘Heer, ontferm U…’ Indrukwekkend mooi, net als het gebouw waarin dit lied klonk.

Voor in de kerk bevindt zich een mozaïek, het zogenaamde gedenkmozaïek, 12 meter breed en ruim 17 meter hoog. Het is ontworpen door Antoon Molkenboer en wordt gevormd door twee miljoen (!) glazen mozaïeksteentjes uit Venetië in allerlei verschillende kleuren.

Het mozaïek verwijst naar de cholera epidemie van 1849. In Scheveningen waren 460 mensen overleden aan de ziekte en hoewel de kerk bijna 80 jaar later gebouwd is, moet de herinnering eraan nog levend zijn geweest. Onder het mozaïek staat de tekst: gedenk de wonderbaarlijke dingen die God onze Heer gedaan heeft. De Scheveningers geloofden namelijk dat de epidemie door een wonder gestopt was. Zij hadden vurig gebeden en plotseling werden zieken beter en overleed er niemand meer.

Op het mozaïek is een grote groep eenzame en tussen doornen verstrikte mensen te zien, tussen hen in een verdorde levensboom: de ‘lijdende mensheid’. Aan de zijkanten staan biddende mensen ‘Heer, ontferm U…’ Bijzonder is dat er geen heiligen uitgebeeld zijn,

maar gewone mensen in Scheveningse klederdracht, met de duinen en de zee op de achtergrond. Er zijn ook mensen die kennelijk de hoop niet opgegeven hebben en naar boven kijken. Precies in het midden staat het Heilig Sacrament (beker en hostie) in een vuur dat de liefde van Christus voor de mensheid verbeeldt. Daarboven een door het gebed genezen mens, die door engelen opgetild wordt naar Christus. Daar begint ook de levensboom weer te bloeien. Zo verbeeldt het mozaïek, zeer calvinistisch verwoord, ellende, verlossing en dankbaarheid. Christelijke kunst laat vaak pijn zien, maar toont ook het opheffen daarvan.

Kunst uit lijden, zowel nu als bijna 100 jaar geleden. De uiting is anders, de betekenis ook. weinig mensen zullen nog geloven dat corona door een wonder of hartstochtelijk bidden verdwijnt. De triomferende Christus is vervangen door de helden en heldinnen op de ic en in de verpleeghuizen. In onze tijd is het de kunst om ons met afstand over elkaar te ontfermen. En overal waar dat lukt, gaat er weer iets bloeien.

Deel dit