Van kerkstrijd tot bredere inspiratie

Van kerkstrijd tot bredere inspiratie

Vroeger vochten vrijzinnigen en orthodoxen elkaar de tent uit, maar in die tijd kende de vrijzinnigheid ook meer enthousiasme. Dominee Dick Peters blikt terug op zijn werkzame leven als vrijzinnig voorganger.

Dertig jaar lang was je voorganger bij de VVP Honselersdijk en ook nog dertien jaar bij de VVP Maasdijk. Kun je vertellen hoezeer de vrijzinnigheid in die periode is veranderd?

Het eerste wat bij me opkomt is de strijd tussen vrijzinnigheid en de orthodoxie. Toen ik dertig jaar geleden als voorganger in Honselersdijk begon, leefde dat nog sterk. Vanaf de oprichting van de vrijzinnige vereniging leefde bij de zware hervormde gemeente de opvatting dat de vrijzinnigen geen poot aan de grond mochten krijgen. Er was sprake van een wederzijdse negatieve beeldvorming die vele generaties heeft bestaan.

Anno 2021 is dat gelukkig totaal verdwenen. Er is nu zelfs sprake van een uitstekende samenwerking met de protestantse gemeente. De vrijzinnigheid heeft veel meer ruimte gekregen en wij als vrijzinnigen hebben geleerd om beter om te gaan met de orthodoxie. Eigenlijk vreemd dat dat voor ons ook een leerproces was, omdat juist vrijzinnigen sterk vasthouden aan diversiteit in het geloof.

Een meer algemene verandering binnen de vrijzinnigheid is de gestegen belangstelling voor inspiratie vanuit niet-christelijke bronnen.
Wat de georganiseerde vrijzinnigheid betreft zie ik steeds meer plaatselijke en regionale samenwerking terwijl ik dat landelijk juist in een aantal opzichten mis. 

peters cadeauWat mis je van die vrijzinnigheid van dertig jaar geleden?

Voor zover ik weet, is er geen vrijzinnige gemeente die in de lift zit als het om groei gaat. Overal is sprake van krimp en vergrijzing met alle gevolgen van dien. Mensen zijn steeds meer bezig om het eigen hoofd boven water te houden en dat zorgt er waarschijnlijk voor dat ik op sommige momenten een zeker enthousiasme mis. Men is bezig met overleven.

Ik wil daarbij niks te kort doen aan al degenen die zich er wel voor inzetten. Toch heb ik het gevoel dat mensen zo’n dertig jaar geleden makkelijker hun stoel uitkwamen als het ging om het verdedigen van een vrijzinnig standpunt.

Wat ik ook mis is dat dertig jaar geleden nog met de jongere generatie werd gesproken over de toekomst van onder andere de vrijzinnigheid. Tegenwoordig gebeurt dat door gebrek aan jongeren nog vrijwel uitsluitend zonder hen. 

Daarop aansluitend: wat miste de vrijzinnigheid van dertig jaar geleden ten opzichte van de vrijzinnigheid nu?

Vooral de enorme mogelijkheden die het digitale tijdperk biedt. Toen ik dertig jaar geleden werd bevestigd werd er nog – je kan het je niet meer voorstellen – een gestencilde liturgie uitgereikt. Het gebruik kunnen maken van het internet en audiovisuele middelen heeft ongetwijfeld bijgedragen aan veel meer inzicht in wat zich in de breedte op het vrijzinnig erf afspeelt.

De mensen zijn ook mondiger geworden en praten makkelijker mee over vraagstukken met betrekking tot geloof en samenleving. Dertig jaar geleden waren er nauwelijks gesprekskringen. Het kringwerk is zeker binnen de vrijzinnige geloofsgemeenschappen nu iets wat bijna overal bloeit.   

Wat wens je de vrijzinnigheid in de komende dertig jaar toe?

In één zin gezegd: meer samenwerking en bundeling van de krachten en het besef dat het altijd nodig zal blijven het geluid van het vrijzinnig gedachtegoed en waar dat voor staat uit te dragen.

Wilt u op de hoogte blijven van nieuwe artikelen? Abonneer u nu op de nieuwsbrief

Deel dit