Vrijzinnig geloven

 

VVP

Overdenking 15 mei 2022

Overdenking 15 mei 2022

Karl van Klaveren heeft op zondag 15 mei 2022 voor de dienst de overdenking geschreven. Omdat niet iedereen naar de kerkdiensten kan komen heeft hij de overdenking opgestuurd. Dan kunt u meelezen terwijl u de dienst terugkijkt via kerkomroep.
 

Houtrustkerkgemeente
en VVP Zuid Holland

 

Zondag 15 mei 2022

 

Thema:

‘Treed niet in de voetsporen van mannen uit het verleden. Zoek liever wat zij zochten.’

 

Kukai (774-835 n. Chr.)

 
Voorgangers:
ds. Martine Wassenaar (liturg)
ds. Karl van Klaveren (overdenking)
 
Cantor-organist: Marieke Stoel
 
 
Orgelspel
 
 
Welkom
 
 
Klokluiden
 
 
Introïtus: NLB 655: 1en 2
 
 
De kaarsen worden aangestoken
 
 
Bemoediging en groet
 
 
Lied: NLB 655: 3 en 4
 
 
Gebed
 
 
Antwoordlied: EigenWijs 63: 1, 2 en 3 (‘Voor mensen die naamloos’)
 
 
Eerste lezing: Johannes 8:1-12
 
 
Lied: NLB 809
 
 
Tweede lezing: 1 Korintiërs 9: 19-23
 
 
Lied: NLB 834: 1 en 2
 
 

Overdenking

Lieve mensen,
‘Treed niet in de voetsporen van mannen uit het verleden. Zoek liever wat zij zochten.’ Hoewel hij in het Westen nauwelijks bekendheid geniet, is Kukai in Japan een klinkende naam. Daar staat deze middeleeuwse monnik bekend als de grootste cultuurdrager aller tijden.
 

••

 
Kukai reisde vanuit Japan naar China om zich te verdiepen in het boeddhisme van de Diamantweg: een stroming die zich onder andere bezighield met het vervaardigen van mandala’s. Deze kleurige zandschilderingen worden door boeddhistische monniken gebruikt om te mediteren en ten laatste ritueel vernietigd. Toen Kukai terugkwam uit China, was hij niet alleen een meester in het Vajrajana-boeddhisme, maar ook in het kalligraferen, dichten, schrijven, schilderen en de aanleg van waterdammen. Kortom: een echte homo universale. Naar eigen zeggen haalde Kukai zijn inspiratie uit deze spreuk: ‘Treed niet in de voetsporen van mannen uit het verleden. Zoek liever wat zij zochten.’
 

••

 
Een paradoxale uitspraak, want op het oog lijkt dat hetzelfde. De mannen uit het verleden, de groten van toen, zochten immers dat wat we als ‘traditie’ beschouwen. Wat zij zochten, wat zij bedachten was toch dat wat we nu aanduiden als ‘hun voetsporen’? Hoezo zouden we dan niet in hun voetsporen treden?
 

••

 
We hebben hier in Den Haag het geluk dat we aan het strand wonen. En ook in het Westland is het strand niet ver. We hebben allemaal wel eens voetsporen gezien. Een voetspoor in het zand. Je kunt aan zo’n spoor zien of het een hond was, een paard of een mens die je voorging. Je kunt zien in welke richting die ander zich heeft bewogen. En als je een Afrikaanse scout bent uit de savanne, dan kun je aan dit soort sporen zelfs zien of het dier angstig was of vol zelfvertrouwen over de prairie rende.
 

••

 
Ooit schreef ik met Tonko Hofman en Marianne Sijbrandy een rapport over de toekomst van de Houtrustkerk. We noemden dat rapport ‘Sporen van vernieuwing’. Dat klinkt wat paradoxaal zult u zeggen. Want sporen zijn per definitie oud en niet vernieuwend. Sporen zijn sporen uit het verleden. Niet van de toekomst. Dat klopt. Maar toch kun je de sporen van vroeger ook zien als wegwijzers naar de toekomst. Dat kan als je doet wat Kukai, onze Japanse monnik, wilde zeggen toen hij zei: ‘Treed niet in de voetsporen van de mannen uit het verleden, maar zoek wat zij zochten.
 

••

 
Wat Kukai bedoelde is dat de mensen die wij nu wijzen noemen, of profeten, dat die groten van toen in hun tijd vernieuwers waren. Maar wat ze gevonden hebben bestaat inmiddels vele eeuwen. Het is allang niet nieuw meer. Als die mensen, zo zegt Kukai, nu zouden leven, zouden ze opnieuw gaan zoeken. Daarom: zoek wat zij zochten. Zoek datgene wat zij tastenderwijze verwoorden in de taal van hun eigen tijd. Hun vernieuwing is allang niet nieuw meer, maar beduimeld en versleten geraakt, besmet misschien ook wel door de manier waarop wij er mee zijn omgegaan.
 

••

 
Neem het werk van Mondriaan, de Nederlandse schilder die later in New York ging wonen. Zijn werk was in zijn tijd bijzonder innovatief. Mondriaan was op zoek naar een heel nieuwe stijl. Hij vond die stijl in een benadering die de abstracte oervormen van de werkelijkheid weergeeft. Zo kwam hij tot de bekende vierkanten en rechthoeken in primaire klueren: rood, blauw en geel, en de niet-kleuren: zwart, wit en grijs. Mondriaan bleef zoeken. Tot zijn dood bleef hij zichzelf vernieuwen. De Victory Boogie Woogie is daar het beste voorbeeld van. U kunt het hier in Den Haag bewonderen. De stukjes tape zitten er nog op. Mondriaan bleef op zoek naar verdieping van zijn vondst. Nooit was hij in de waan dat hij het gevonden had.
 

••

 
Maar als je ziet wat er van Mondriaans zoektocht geworden is, dan wordt het je bang te moede. Je kunt misschien maar beter niet populair zijn als kunstenaar. Want zijn werk is inmiddels zo vaak gebruikt dat het ons is gaan vervelen. Mondriaan is letterlijk op theedoeken beland. Iets dergelijks is meer grote geesten overkomen. Karl Marx werd te grabbel gegooid in het communisme, Freud in grappen over psychiaters. En Jezus werd in sentimentele prentjes verspreid op de zondagschool. Een lieve knappe witte man met een baard, lang haar, en jawel ... blauwe ogen.
 

••

 
Daarom zegt Kukai: ‘Treed niet in de voetsporen van mannen uit het verleden. Zoek liever wat zij zochten.’ Laten we de traditie vergeten, zegt Kukai. Zoek liever de kern daarvan, het geheim daarachter, dat wat de grondleggers van de traditie fascineerde. Zoek waarnaar ze op zoek waren. Dat is een grote wijsheid. Een wijsheid die we ook bij andere grote denkers vinden. ‘Als je de Boeddha tegenkomt doodt hem’, schijnt Siddharta de Boeddha tegen zijn leerlingen te hebben gezegd. En de grote Duitse theoloog Karl Barth zou naar verluid hebben verzucht dat hij ‘een hekel had aan barthianen’.
 

••

 
Misschien is dat ook wel de kern van de vernieuwing die de apostel Paulus zocht, uit wiens brieven we vandaag hebben gelezen. Deze voormalige christenvervolger, die Jezus nooit in levende lijve had ontmoet, werd een van de belangrijkste vormgevers van het vroege christendom. Over Paulus is veel geklaagd. Hij zou de boodschap van zijn Heer naar zijn eigen hand hebben gezet. Hij zou anders dan Jezus de wet, de thora, bij het oud vuil hebben gedaan. Hij zou de wet hebben vervangen door de genade. Ja, voor velen is Paulus’ meest omstreden daad dat hij het geloof van Jezus heeft veranderd in het geloof in Jezus.
 

••

 
Jezus zelf, rabbi Jeshua liever gezegd, was helemaal niet van plan om een kerk te beginnen. Hij was een jood en zag zichzelf niet als godenzoon. Zelfs het woord ‘Christus’ wees Jeshua van de hand. Liever gebruikte hij het woord mensenzoon. Ja, alle mensen waren voor rabbi Jeshua kinderen van God, beelden van de allerhoogste. Daarom: niet mijn Vader, maar ‘onze Vader die in de hemel zijt’. Pas de evangelist Johannes maakte van Jezus een wandelende god op aarde. Iemand die voortdurend ‘Ik ben het licht der wereld’, ‘Ik ben dit’, ‘Ik ben dat’ roept. Maar in de bergrede van Matteus, die veel ouder is dan het evangelie naar Johannes, zegt Jezus: ‘Jullie zijn het licht der wereld’.
 

••

 
Bij Paulus zijn alle mensen zondig en is Jezus de tweede Adam, de zondeloze mens. Maar dat Jezus zondeloos was en dat andere mensen zondig zijn, heeft rabbi Jeshua nooit gezegd. ‘Niemand is goed dan God alleen,’ zei Jezus volgens de synoptische evangelien toen iemand die hem aansprak als goede meester. Nee, Paulus, zo werd al in de 19e eeuw beweerd door liberale exegeten, Paulus verkondigde een heel ander evangelie dan Jezus.
 

••

 
En toch is deze dertiende apostel, zoals Paulus zichzelf noemde, ten diepste niet de orthodoxe theoloog waar wij hem vaak voor houden. Paulus kun je alleen begrijpen als je hem ziet als vernieuwer. Een vernieuwer die het evangelie van Jezus vertaalde naar de mythische taal van zijn tijd. Van Jezus’ kruisdood die niets anders was dan een moord, een moord op een joodse rechtvaardige, maakte Paulus in de lijn van mythische voorstellingen uit zijn tijd een zoendood. Een laatste offer, waarin God zelf het leed van de wereld op zich nam, of in een andere variant: de schuld van de wereld droeg door zijn eigen zoon te geven. Er is hier iets heel opmerkelijks aan de hand. Deze voorstellingen lijken oude dogma’s, maar zijn goed beschouwd net als de Mariaverering vernieuwingen, aanpassingen aan de tijd en cultuur waarin de dertiende apostel zijn evangelie bracht. Paulus durfde radicaal af te wijken van de taal van Jezus om mensen duidelijk te maken wat Jezus wilde. Hij was de Joden en Jood, en de Griek een Griek. Hij maakte van Jezus’ joodse boodschap van het koninkrijk van God een hellenistische mysteriereligie.
 

••

 
En toch ... toch is Paulus in zijn vernieuwingsdrang de geest van Jezus trouw gebleven. Want als er iemand is die begrepen heeft dat Jezus geen moralist was en dat het evangelie geen nieuwe wet is, dan Paulus wel. Hij trad misschien niet in de voetsporen van Jezus, maar hij zocht wel wat Jezus zocht.
 

••

 
In zijn aanvaring met de volgelingen van Jakobus, de broer van Jezus, ging het daar vaak over: over de kern van Jezus’ onderricht. Voortdurend had Paulus het aan de stok met deze groep. Voortdurend hamerde Paulus tegenover hen op het feit dat Christus geen nieuwe wet kwam brengen, geen nieuw moralisme wilde, maar een genadige God predikte. Het ging Jezus niet om de God van het oordeel, maar om de God van liefde. Daar stond Paulus voor. Net als Johannes overigens, die andere beroemde apostel die meerdere brieven naliet in de Bijbel waarin datzelfde wordt gezegd.
 

••

 
Ik heb Paulus pas echt leren begrijpen toen ik besloot om zijn brieven radicaal te lezen vanuit zijn allermooiste tekst, 1 Korinthe 13, het loflied van de liefde. Daarin spreekt Paulus over de essentie van het geloof. En dan zegt hij, en dat is heel radicaal, de kern van het geloof is niet het geloof, maar de liefde. Want ‘al had ik het geloof dat bergen kon verzetten. Als ik de liefde niet had, dan was het niets.’ Wat Paulus als het summum ziet in zijn beroemde loflied is veelzeggend. Dat zijn niet vader, zoon en heilige geest. Nee, Paulus laat alles uitlopen op geloof, hoop en liefde. En de meeste van deze, zegt hij, is de liefde.
 

••

 
Hoe kan dat? Hoe kan de apostel die alom wordt gezien als de apostel van de genade de liefde de absolute kern van Gods koninkrijk in deze wereld noemen. Dat kan als je hem leest vanuit het verhaal dat we vandaag lazen. Het verhaal over de overspelige vrouw. In dat verhaal uit het evangelie naar Johannes komen genade en liefde op een wonderschone wijze bij elkaar. Als je dat verhaal goed leest blijkt Paulus haarfijn te hebben begrepen waar het Jezus om ging.
 

••

 
Want als de rechtvaardigen, de joodse mannen die zichzelf beter achten dan het volk dat de wet niet kent, klaarstaan met keien in hun hand om een vrouw te stenigen, een vrouw van wie gezegd werd dat ze overspelig was geweest, dan neemt Jezus het voor die vrouw op en zegt: ‘Wie zonder zonde is, werpe de eerste steen.’ Dit verhaal doet denken aan het verhaal dat we op Witte Donderdag lazen hier in deze kerk. Een verhaal waarin een vrouw Jezus zalft met kostbare olie. De apostelen reageren als echte moralisten. ‘Wat een verspilling, zeggen ze: ze had dat geld beter aan de armen kunnen geven’. Maar ook deze vrouw neemt Jezus in bescherming tegen het wetticisme van de scherpslijpers. Wat ze deed was een daad van liefde, zegt hij.
 

••

 
Het is alsof je Paulus hoort. Niet de wet, niet de moraal maakt zalig, maar een liefdevol hart. En als je dat liefdevolle hart niet hebt, als de liefde je uit handen geslagen wordt om wat voor reden dan ook, als je ontredderd roept tot God, tot de Liefde met een hoofdletter: ‘Ik geloof kom mijn ongeloof te hulp’, dan is het diezelfde God, diezelfde liefde die je in de gedaante van deze lichtende mens beschermt tegen de stenen en keien die mensen van de moraal hebben gemaakt. ‘Wie zonder zonde is, werpe de eerste steen.’
 

••

 
Paulus was de joden een jood en de Grieken een Griek en vertelde elk van hen in hun eigen taal de kern van Jezus’ onderricht. Ja, de kern die hij zocht was een genadige manier van mens-zijn. Het gaat erom dat we de wet lezen vanuit de compassie. Laten we dat blijven proberen. Op onze eigen wijze. In onze eigen tijd. Laten we niet treden in de voetsporen van mannen uit het verleden. Maar zoeken wat zij zochten.
 
Amen.
 
 
Orgelspel
 
 
Voorbeden – Stilte – Onze Vader
 
 
Collecten
 
 
Slotlied: NLB 1014: 1, 3 en 4
 
 

Zegen

Gemeente:
 

Deel dit