Irenekerk

Een afwachtende stilte

Een afwachtende Stilte
Bron:Irene Visser,
Uit De Vriendenkring,maandblad van de Nederlandse quakers

Toen ik een paar jaar geleden in Woodbrooke (Quakerstudiecentrum in Engeland, HU) een cursus volgde onderhield ik contact met het thuisfront en vertelde over mijn ervaringen met de Quakers via de email. Van mijn oudste zoon kreeg ik een berichtje terug; "Wat doen de Quakers eigenlijk? Wie het langste stil kan zijn?" Wie het langste stil kan zijn - dat was het spel dat we vroeger vaak speelden bij onze roerige maaltijden met drie tieners aan tafel, die met dit slimme spel even stil te krijgen waren. Hoewel meestal niet voor lang. Toen ging het erom de gemoederen stil te krijgen - die stilte was een afwezigheid van herrie, een voorkomen van ruzie. Het was ook en vooral een stilte die al gauw verbroken werd. En het was natuurlijk een heel andere stilte dan de Quakerstilte. Maar wat is onze stilte dan wel? Hoe is deze stilte anders dan andere stiltes?

De Quakerrstilte is anders dan de stilte in een kerkdienst of mis, en anders dan de stilte van Oosterse meditatie, schrijft Sarah Maitland in haar boek over de stilte (A Book of Silence). De stilte van de Quakers is een afwachtende stilte. Het is een stilte die verbroken wil worden. Het boek van Sarah Maitland over de stilte laat zich stukjes bij beetje lezen, omdat het zoveel verschillende ervaringen met stilte bevat. Behalve dat Maitland de stilte zoekt in lange perioden van eenzaamheid op afgelegen plaatsen (de bergen, de woestijn) gaat ze ook langs bij spirituele stiltezoekers, zoals de Boeddhisten en de Quakers. Het is heel interessant om te lezen wat haar ervaring met de Quakers is, vooral omdat juist de stilte voor veel mensen het kenmerk is van onze bijeenkomsten. Wat vond ze van die stilte, en wat vond ze in die stilte?

Maitlands zoektocht begint bij de Zenboeddhisten. Hun stilte noemt ze een oppositionele stilte. Daarmee bedoelt ze dat de zenbeoefenaar stil zit (zazen) om zodoende tegenstand te bieden aan het zelf en aan het dualisme van de wereld. De stilte is een manier om 'nee' te zeggen tegen de illusies die ons afhouden van de werkelijkheid. Het is daarom ook een gevecht tegen woorden, zo citeert ze een Zen-kenner, omdat woorden altijd tegenstellingen uitdrukken. Zen ontkent die dualiteit en doet dat door middel van zazen, het aandachtig zitten in stilte.

Dit lijkt, als we deze uitleg negatief willen opvatten, een nogal vreugdeloze manier van doen. Ontkennen, tegenstand bieden, een gevecht zelfs - is zen nu echt zo oppositioneel? Misschien is zazen, het zitten in meditatie, ook positief op te vatten, immers het is toch ook een uiting van de wil tot vrij worden, of leeg worden van de wirwar van onze dagelijkse gedachten en emoties. Daarmee is het een stilte die daaruit een uitweg biedt, een bevrijding. Ik zet dus een paar vraagtekens bij Maitlands duiding van de Zenstilte. Ook haar uitleg van de Quakerstilte nodigt uit tot nadenken.

Allereerst stelt ze dat het even wennen was om na de fraaie Zenbijeenkomsten de sobere en ietwat sjofele Quakerruimtes te betreden. De Quakerstilte lijkt veel op de Zenstilte, maar er is een verschil, schrijft ze: de Zenmonniken brengen hun stilte mee in de groep, terwijl de Quakers juist in de groep samenkomen om daar de stilte te ervaren. Weer heb ik enige twijfel bij Maitlands uitleg. Het kan in grote lijnen zo zijn, maar is het echt zo dat Quakers druk en onrustigbinnenkomen om dan samen stil worden? Ikzelf denk dat ook Quakers de stilte kunnen meebrengen, of in elk geval is dat een ideaal van Quakers. En misschien zijn zelfs Zenmonniken, hoe rustig ze ook lijken, ook wel eens innerlijk rusteloos en druk totdat ze gaan zitten? En zelfs wel eens tijdens het zitten, zoals we uit de boeken over zen van JanWillem van de Wetering weten.

Een duidelijk verschil is het spreken in de stilte: bij Zen blijft de stilte intact; bij de Quakers kan er iemand spreken tijdens de stilte. Maitland citeert een Quaker, en dit citaat is een letterlijke vertaling waard: "In de stilte, die niet passief maar actief is, begint het Innerlijke licht op te gloeien - een vonkje maar.

Om dat vlammetje te doen oplichten, moeten onze redenaties en gedachten tot rust komen en stil worden. Door onze aandacht volledigop de Liefde te richten, gaat het Licht helderder schijnen, onze toestand verlichten en maakt het ons hele wezen tot een bron van waaruit dit licht straalt. De woorden die worden gesproken in de stilte moeten worden geboren uit stilte. En ze moeten worden ontvangen in stilte."

In deze beschrijving klinkt iets van Zen door, zoals Maitland ook opmerkt. En dat brengt haar tot het grootste verschil, namelijk, dat de stilte van de Quakers een collectieve stilte is, een stilte die mensen samen zoeken en vinden en waarin harten en hoofden verenigd worden, een stilte waarin Quakers niet als eenlingen, maar in gezamenlijkheid, zich voor de Waarheid openstellen. Daarmee drukt ze uit wat ik ook heb horen zeggen door Zenbeoefenaars die de Quakerstilte ook kennen.

Maitland vroeg Quakers over hun ervaring met die stilte. Een Vriend (= een quaker, HU) vertelt: "toen ik pas begon als Quaker waardeerde ik de stilte voor mezelf, zoals bij meditatie en gebed, maar dan met andere mensen samen. De gesproken bijdragen, de ministry, vond ik nogal storend; die onderbraken mijn persoonlijke meditatie steeds. Maar later veranderde dat. Nu vind ik die bijdragen niet meer storend zelfs al spreekt hetgene wat er gezegd wordt me niet altijd aan. En dat zijn dan vooral de politiek getinte bijdragen, die preken voor eigen parochie. Maar het gaat er niet om dat ik het er mee eens moet zijn of het zou moeten waarderen. Het gaat er om dat de gezamenlijke stilte deze bijdrage draagt, en dat zowel de onderbreking als de gezamenlijkheid samen blijven gaan en dat de stilte dus actief en betrokken blijft. Zo wordt door de wijdingssamenkomst of stille eredienst zelf de gezamenlijkheid in stand gehouden."

Sarah Maitland kan hierover niet uit eigen ervaring spreken, en het is dus fijn dat ze Quakers zelf aan het woord laat. Wel ervaart ze de bijeenkomsten van de Quakers heel bijzonder, zeker in de 300 jaar oude Meetinghouses (in Engeland,HU) waar de jarenlange stilte zich heeft genesteld.

De ernst en de soberheid van de Quakers spraken haar aan, en ook de lange en radicale geschiedenis van hun sociale betrokkenheid. Bovendien: het bewijs dat je daadwerkelijk 300 jaar een organisatie kunt runnen zonder enige hiërarchie is door de Quakers geleverd, memoreert ze, en ook, dat uit een gezamenlijke stilte inderdaad een gezamenlijke stem naar voren kan komen, en dat luisteren in de stilte kan leiden tot gezamenlijke sociale actie, in het bijzonder voor de vrede.

Het is goed om eens van een ander te horen hoe bijzonder de Quakermethode is. Ik heb dit ook vorig jaar proberen te beschrijven in mijn verslag van De Engelse jaarvergadering in York toen de Quakers zich gezamenlijk en na langdurige stiltes uitspraken voor het "homohuwelijk." Dat was ronduit wonderbaarlijk.

Maar met dit alles is de Quakerstilte heel anders dan de Zenstilte,volgens Maitland, en het verschil is dat bij de Quakers de stilte geen doel op zich is (het is ook geen verzet, of leegte, afwezigheid) maar dat het een afwachtende, een luisterende stilte is. Dit komt omdat Quakers doordrongen zijn van het gelijkheidsprincipe; de Geest kan spreken door iedereen en daarom is de stilte van de wijdingssamenkomst een luisterende stilte, die er op wacht om te worden verbroken.

De stilte is er om het luisteren naar Gods stem mogelijk te maken, die spreekt door mensen en tot mensen. Door het horen van die stem zijn de Quakers in staat om de waarheid te spreken, in liefde. Aldus Maitland uitleg. Dat is nogal wat, zou je zeggen. Als ze dit heeft begrepen en ook aan den lijve heeft ervaren, is ze er dan ook zelf door gegrepen? Ofwel, is Maitland, die zo van stilte houdt, wellicht Quaker geworden? Ik vraag dit omdat het heel goed zo kan gaan - bij mijzelf ging het zo in elk geval wel. Maar bij Maitland niet. Ze heeft de stilte van de Quakers als plezierig ervaren, evenzeer als die van het Zenboeddhisme, maar ondanks alle ruimte en bevrijding die die stilte met zich meebrengt, zoals ze ervaren heeft, is dit niet wat Maitland zoekt of kan aannemen. Intellectueel, zo legt ze uit, kan ze niet geloven in de onderliggende principes van Zen of Quakers, en daarmee is dit hoofdstuk voor haar afgerond. Ze gaat dan op zoek in kloosters en vindt daar alweer een ander soort stilte: de stilte van tucht en discipline.

Dat klinkt negatiever dan het is; Maitland begrijpt dat de kloostertucht hoort bij de liefde tot God en die aanvult, en dat die discipline leidt tot grotere liefde. Dit is niet een stilte die verbroken gaat worden (zoals bij de Quakers) maar eerder een stilte die door de gemeenschap vervuld moet worden. Maitland laat het verder bij deze opmerkingen gaat dan verder op onderzoek naar de stilte in de schilderkunst.

Haar lezer blijft achter met het idee dat de religieuze stilte vele vormen kent en vele gevoelens oproept. Toch blijft bij mij vooral ook het gevoel dat Maitland de tegenstellingen nogal scherp gesteld heeft. Leeg worden van de maalstroom van repeterende gedachten is niet alleen bij Zen maar ook bij ons en in het klooster een groot goed. Discipline is bij uitstek bij de Zenmonniken te vinden en toch ook bij de Quakers, en onze stilte is niet alleen een wachten op onderbreking. Het verbreken van de stilte is zeker geen doel op zich bij ons. Gelukkig niet - een uur ononderbroken stilte zou dan immers een mislukte eredienst zijn! En verder, ook bij Quakers speelt de liefde tot God een grote rol, al noemen we die meestal bij andere namen, en die liefde maakt ook onze stilte compleet. Dus, al met al is wat ons bindt in de stilte - over religieuze grenzen heen - wellicht groter dan de verschillen die Maitland onderscheidt. Maitland noemt het intellectuele begrijpen een belemmering bij het ervaren van onze stilte. De vraag is echter of het intellect hier wel de beste leermeester is. Alleen puur verstandelijk gezien, zou ik zeggen, is een uur stil zitten misschien niet meer dan het spel "wie het langste stil kan zijn".

Zoeken

Contact

Irenekerk

Electropark 17-19,(achter Oranjestraat 32a)

2983 GV RIDDERKERK

Scriba Mieke Taselaar-van Noordenne scriba@irenekerk.nl

tel. 0180-397452